Je staat aan de poort van het hiernamaals en Rik van de Westelaken duikt op. “Kom even mee, ik wil je iets laten zien.” Je knippert met je ogen en kan ’t niet geloven. Vlak voordat je de link legt tussen gameshows en het leven – en je rechtsomkeert wil maken omdat je dit in de groepschat moét delen – begint de film te spelen…
Alle lekke banden op momenten dat ze écht niet lek mochten zijn, waaronder de bruiloft. Meubels waarvan je wíst dat ze ergens anders stonden waardoor je vloekend en hinkend je mascara probeert te doen. Die keer dat je de stad onderspuugde door een bacterie in de komkommer op je broodje gezond. Panty’s die afzakken bij je kruis. Het brandalarm dat afgaat op het moment dat je de doe-het-zelf haarverf uit moet spoelen.
Het sluiten van de HEMA vijf minuten voordat het hengsel van je tas losliet toen je een weekendje wegging waardoor je make-upremover ’t hele station doorrolde en jij erachteraan sprintte waardoor je niet doorhad dat je je favoriete ondergoed ergens bij de roltrap van spoor 6 was verloren tot het moment dat je weer, hijgend inmiddels, bij de roltrap van spoor 6 aankwam en ’t niet op durfde te rapen, want wie stopt er in godsnaam ondergoed van de stationsvloer in haar tas?
Het tegenkomen van je ex op de dag dat je had besloten het haren wassen een dagje uit te stellen, terwijl dat eigenlijk niet kon. Alle afzakkende panty’s ooit.
Huh? Herkende je daar nou een gezicht? Was dat nou…
Hé, grappig, ze lijkt ook wel op de buschauffeur van al je gemiste bussen. Zorgde dat zeker 30% van de sollicitatiegesprekuitslagen later kwam dan afgesproken. Dat de mayonaise op was bij de snackbar waar je heen ging voor je PMS-cravings.
Bedacht dat retourlabels niet meer meegeleverd hoefden te worden en dat we als mensheid sowieso nog niet klaar waren voor digitale retourcodes, waardoor je eerst een printer ter waarde van 100,- moest aanschaffen om je trui van 50,- te retourneren.
Printerinkt die binnen een jaar uitdroogt, ook al heb je maar één keer iets mee afgedrukt. Überhaupt het concept van online winkelen.
Die stoel waarvan de poten doorzakten toen je op het terras ging zitten nadat je iemand die je lang niet had gezien met hoge keelklanken had gegroet. De broeksknoop die eraf sprong op ’t moment dat je een belangrijke meeting in stapt. Had ik afgezakte panty’s die de hele focking dag net ónder je kruis schuren al genoemd?
De feestjes bij de buren, maar niet recht naast je, ergens schuin zodat je ’t wel hoort, maar niet precies weet waar ’t vandaan komt en je geen idee hebt of je de juiste hebt geappt, waarschijnlijk niet want Drétje Hazes dendert nog steeds door je slaapkamer en het voelt inmiddels inderdaad alsof ’t je laatste dag is.
Al die keren dat je met blote benen de deur uitging in ’t voorjaar omdat je weerapp zei dat ’t wel kon, maar je toch weer rillend van de kou de stad doorfietst. De enige jurk in exact de juiste kleur voor de onmogelijke bruiloftsdresscode waarvan alleen jouw maat is uitverkocht.
Het wireless oordopje dat nét niet goed paste waardoor-ie uit viel en je verbijsterd achterom keek hoe dat kleine rotding verbazingwekkend elegant over het fietspad stuiterde, waardoor je met je voorwiel de stoeprand schampte en met een smakkerd niet alleen je tanden verloor, maar ook je lev…
En toen werd het beeld stilgezet.
Ja, shit, ze is het echt! Het meisje waar je op je 19e in een commentsectie een woordenwisseling mee hebt gehad en die het blijkbaar nooit écht los heeft kunnen laten. Dit vermoeden had je al. Jij en je vriendinnen kregen eens in de zoveel tijd vriendschapsverzoeken op alle mogelijke social media waar je naam aan verbonden is. Zowel onder haar eigen naam als met pseudoniemen. En net toen je begon te denken dat je misschien gewoon paranoïde was, onthult Rik het patroon dat we inmiddels al dondersgoed kennen:
- één account dat op onze LinkedIn-profielen spiekt
- twee dagen later een vriendschapsverzoek op platform X.
- niet geaccepteerd? “je profiel voelt zich sowieso vies als zij ermee klaar is”
- uitnodigingen op platform Y en Z
Creepy en vervelend? Nee. Als er nu iets doms gebeurt – je raakt bijvoorbeeld je sleutels kwijt – weet je dat je Nemesis ergens op een zolderkamertje pranks zit uit te denken. En geloof me: dat scheelt míj op wekelijkse basis zeker 196 minuten aan schuldgevoel, schaamte en frustratie.
Geef een reactie